Mien verhuist naar België

En zo staat Mien op een winderige en kille februariochtend alleen op een perron op het station van Den Haag. Een koffer in de ene hand, aan de andere hand haar Magneet.

Mien verhuist naar België

uit Mien. Een vergeten geschiedenis, Mariska Tjoelker, 2016

Haar moeder had gehuild. Niet met ferme uithalen, eerder het stille huilen van iemand die niet wil dat de anderen de tranen zien. Maar Mien had ook die lichte zweem van theater gevoeld. Doelgerichte tranen waren het. Tranen die ervoor zorgden dat haar vader nog een keer met haar kwam praten, tot hij begreep dat ze zich echt niet tegen liet houden. Kijk moe, over twee maanden wordt ze eenentwintig, had hij ’s avonds aan tafel tegen haar moeder gezegd. En die twee maanden, wat maakten die dan nog uit? Ook Jan ging nog een keer met zijn zusje praten; of dit echt nodig was? Ze had geknikt. En hij had gezegd dat hij haar dan wel naar het station zou brengen als het zover was.

 En zo staat Mien op een winderige en kille februariochtend alleen op een perron op het station van Den Haag. Een koffer in de ene hand, aan de andere hand haar Magneet. Haar moeder had weinig gezegd toen ze vertrok en haar vader en Aad had ze gisteravond een snelle kus gegeven, die moesten vroeg op. Jan heeft haar gebracht, maar ging er na een onhandige omhelzing meteen vandoor; het werk wacht, zei hij.

En hoewel ze normaal minstens net zoveel eet als haar vader, kreeg ze de laatste dagen bijna niets meer door haar keel.

 Ze is nerveus, misschien nog wel nerveuzer dan voor haar eerste wedstrijd. Al dagen heeft ze het gevoel alsof er ergens halverwege haar keel een knoop zit. Eentje die ademhalen moeilijk maakt en haar stem op een vreemde manier een beetje afknijpt. En hoewel ze normaal minstens net zoveel eet als haar vader, kreeg ze de laatste dagen bijna niets meer door haar keel. Het is hetzelfde gevoel als voor een koers, dat weet ze wel. Maar dat zoiets langer dan een paar uur kon duren, dat is nieuw.

Het is een groot café, met een houten veranda, houten vloeren, knusse houten zitjes en een glanzend geboende houten toog.

 Als ze in Aalst uit de trein stapt, staat Maria haar al op te wachten. Daar ben je dan, zegt Maria en ze knikt. Ja, daar is ze dan. Ze lopen samen naar het café waar Maria al een paar maanden werkt en waar Mien vanaf morgen ook achter de bar zal staan. In Het Houten Hand heet het en het staat strategisch langs de doorgaande weg richting Brussel. Het is een groot café, met een houten veranda, houten vloeren, knusse houten zitjes en een glanzend geboende houten toog. Van de winter had Maria er meegedaan aan een koers op de rollen, cafébaas René organiseerde zulke wedstrijdjes ’s winters soms om wat extra publiek te trekken. Na afloop van die koers had ze een gesprek van René opgevangen over het meisje dat binnenkort wegging en dat hij dus op zoek moest naar een ander. Ze was er direct tussen gesprongen, Maria, en toen ze het hele voorval later aan Mien vertelde, zag Mien precies voor zich hoe dat was gegaan – haar vriendin had nu eenmaal een onweerstaanbare lach. Een week later ging Maria aan het werk en omdat ze vanuit Anderlecht veel te lang onderweg zou zijn, maakte René een van de kamers boven het café vrij zodat ze daar kon gaan wonen. En nu gaat Mien er ook werken. En wonen. Samen met Maria. In Aalst. In café In Het Houten Hand.

Mien. Een vergeten geschiedenis is verkrijgbaar bij de boekhandel.