Hier en Nu

Eerst komt Bella in beeld, daarna verschijnen ook moeder Jo en vader Toon. In hun mooiste goed zitten ze naast elkaar op een schommelbank in de tuin.

Hier en Nu
screenshot Keetie Hage; Hier en Nu, 02-09-1968 (bron: Schatkamer Beeld en Geluid)

Er bestaan nog wat filmbeelden van Bella en Keetie samen met hun ouders. In 1968 wordt Keetie voor het eerst wereldkampioene en dat is voor het actualiteitenprogramma Hier en Nu aanleiding om een uitgebreide reportage te maken. Die begint met de beelden van een asfaltweg waarop vanuit de verte Keetie aan komt fietsen: lange fietsbroek, nagelnieuw regenboogtruitje, haren wapperend in de wind, handen losjes op het stuur. Eronder klinkt het nerveuze getetter van Philippe Parès met zijn jazzorkest. Even later hangt ze ontspannen aan de rijdende auto van de cameraploeg, alsof ze nooit anders gedaan heeft. ‘Wereldkampioene. Hoe voelde je je toen je in Imola over de lijn ging?’ wil de interviewer weten.

‘Nou, ik kon het eigenlijk niet geloven, ik weet het allemaal niet meer,’ antwoordt Keetie, nog altijd met haar hand op het portier van de auto.

‘Had je gedacht dat je het winnen zou?’

‘Gedacht niet, gehoopt wel natuurlijk. Maar ik had het niet gedacht.’

In het volgende shot rijdt ze in haar eentje weer weg van de auto, in een ontspannen gangetje. Pas als ik wat beter op de bomen langs de weg let, realiseer ik me dat ze daar meteen alweer een behoorlijke snelheid te pakken heeft.

Daarna volgt een compleet nieuwe locatie: een schommelbank tegen een buitenmuur, het blad van de struik ernaast deint zachtjes in de wind. Keetie heeft haar regenboogtrui verruild voor een gebreid truitje met korte mouwen. Haar rechterhand houdt de stang van de bank vast, haar rechterpink zit in het verband.

Ze werd huisvrouw in een dorp waar ze geen mens kende.

‘Wat trekt je nou als meisje in de wielrennerij aan?’ – en het verbaast me nauwelijks dat de verslaggever zoveel nadruk op de woorden ‘als meisje’ legt. Onwillekeurig denk ik aan Joop Zoetemelk; zou iemand hem weleens hebben gevraagd wat hem als jóngen nou zo aantrekt in de wielrennerij? Niet waarschijnlijk: we hebben het over september 1968: toen mijn ouders in november dat jaar trouwden, gaf mijn moeder meteen haar kantoorbaan op omdat mijn vader in een gehucht tweehonderd kilometer verderop aan het werk kon. Dat mijn moeder daar absoluut niet naartoe wilde was geen geheim, maar deed niet ter zake. Ze werd huisvrouw in een dorp waar ze geen mens kende. En niemand vond dat raar.

screenshot gezin Hage; Hier en Nu, 02-09-1968 (bron: Schatkamer Beeld en Geluid)

Het is lastig in te schatten wat Keetie van de vraag vindt. Ze glimlacht voorzichtig als ze antwoordt dat ze zelf eigenlijk ook niet weet waarom ze wielrennen leuk vindt. Toch volgt even later iets van een verklaring: ‘Je hebt hier bij ons ook geen gelegenheid om andere sporten te doen. Voor zwemmen moet je naar het zwembad, voor schaatsen en voor atletiek moet je ook weg. Dit is het enige dat je kunt doen eigenlijk.’

Terwijl de verslaggever vraagt wat ze ervan vindt dat er geen ontvangstcomité met fanfare klaarstond toen ze op Schiphol aankwam, zoomt de camera langzaam uit. Eerst komt Bella in beeld, daarna verschijnen ook moeder Jo en vader Toon. In hun mooiste goed zitten ze naast elkaar op een schommelbank in de tuin. Het zondagse garen verhult echter niet het ongemak: het gezin zit erbij alsof de koningin zelf zojuist de tuin in is komen wandelen.

... nee, voor zover ze weten wordt er bij de dames geen doping gebruikt...

De vragen van de buiten beeld blijvende verslaggever zijn tamelijk voorspelbaar – de antwoorden zijn dat eveneens: nee, voor zover ze weten wordt er bij de dames geen doping gebruikt, nee, ze rijden niet in combine en helaas, ze verdienen er nauwelijks geld mee, hooguit genoeg voor de benzine van de auto.

Ik speel het filmpje wel tien keer af, spoel nog vaker terug. Wat gebeurt hier, waar kijk ik naar, wat zeggen hun blikken, hun antwoorden, hun voorzichtige lachjes? Bella lijkt nog verlegener dan Keetie, dat valt op. Minstens zo opvallend is het dat Keetie op de schommelbank met haar ouders en zus minder op haar gemak lijkt dan in het eerste deel van het programma, toen ze haar fiets nog als houvast had. Moeder Jo is vooral trots, ze glundert als ze vertelt dat ze het fantastisch vindt dat haar dochter wereldkampioene is. Vader Toon vind ik lastiger in te schatten. Tegen het einde van het filmpje laat hij de gouden medaille van Keetie zien, waarschijnlijk op aanwijzing van de regisseur van het progamma. Terwijl hij recht in de camera kijkt, zegt hij: ‘Hier hebben we drie jaar voor gewerkt, het is fantastisch.’ Daarna een zucht, op de achtergrond begint een hond te blaffen. Een ingestudeerd zinnetje, denk ik meteen bij mezelf. In gedachten zie ik de regisseur goedkeurend knikken: ‘Prima, het staat erop,’ – zoiets.

'Maar wat mijn vader zei... ik dacht bij mezelf: is dat nou een compliment?'

Keetie zelf ziet de opname pas veertig jaar later. Het Zeeuws Museum had een tentoonstelling over fietsen en toen ze met een paar vriendinnen in Middelburg was, besloot ze toch even te gaan kijken. ‘Mijn vader was kort daarvoor overleden, dus dat moet in 2008 zijn geweest,’ vertelt ze. Meestal kijkt ze in een museum niet eens naar zulke videootjes, maar dit keer dacht ze, ach, toch even kijken. ‘En toen kwam dit. Zag ik ineens Bella en mijn moeder en mijn vader. Mijn moeder was trots, dat zag ik dan wel. Maar wat mijn vader zei... ik dacht bij mezelf: is dat nou een compliment? Ik vond het vreemd. Het voelde niet als een compliment. Meer als: hier hebben wíj het voor gedaan. Wij; hij en mijn moeder.’

Ik vraag haar of Toon haar dan op een ander moment weleens een schouderklopje gaf – onwillekeurig denk ik even aan het moment dat ik thuiskwam en mijn eerste gepubliceerde verhaal aan mijn vader liet zien; zoals hij toen zat te glimmen van trots  – maar Keetie schudt meteen het hoofd. Hij was vast wel trots, zegt ze. Maar ze heeft er geen enkele herinnering meer aan.